Hoe de gebouwschil verbeteren?
Over Isolatie, luchtdichtheid, buitenschrijnwerk, daken en vochtproblemen bij renovatie
Niet elke woning vraagt dezelfde aanpak.
Een correcte beoordeling van de bestaande gebouwschil
helpt om renovatiefouten, vochtproblemen en onnodige kosten te vermijden.


Waarom de gebouwenschil verbeteren?
Een comfortabele en energiezuinige woning begint bij een goede gebouwschil.
Door warmteverliezen via het dak, de muren, ramen en vloeren te beperken, dalen het energieverbruik en de verwarmingskosten, terwijl het comfort stijgt.
Er bestaan verschillende manieren om de gebouwschil te verbeteren. Welke maatregelen technisch en economisch het meest zinvol zijn, hangt af van de woning, het beschikbare budget en de technische haalbaarheid.
Hoe verliest een woning warmte
Een woning verliest warmte op twee manieren:
1. Warmteverlies door transmissie
Transmissie is warmte die door bouwmaterialen heen naar buiten stroomt.
Dat gebeurt via:
-
muren
-
daken
-
vloeren
-
ramen
-
deuren
Hoe beter deze bouwdelen geïsoleerd zijn, hoe kleiner het warmteverlies.
De mate waarin een bouwdeel warmte doorlaat wordt uitgedrukt met een U-waarde. Hoe lager de U-waarde, hoe beter de isolatie.
Bij woningen uit de jaren '60 bedroeg de U-waarde van buitenmuren vaak ongeveer 1,5 tot 2,0 W/m²K. Moderne muren halen vandaag vaak waarden rond 0,20 W/m²K of lager.
Ook ramen zijn sterk geëvolueerd. dubbel glas had vroeger een U-waarde van ongeveer
3.0 W/m²K, terwijl moderne hoogrendementsbeglazing vaak rond 1 W/m²K of lager zit.
2. Warmteverlies door convectie
Convectie is warmteverlies door luchtstromen.
Warme lucht kan via luchtlekken ontsnappen uit de woning. Tegelijk wordt koude buitenlucht aangezogen.
Dat gebeurt bijvoorbeeld via:
-
kieren rond ramen en deuren
-
aansluitingen tussen verschillende bouwdelen
-
doorvoeren van leidingen
-
luchtlekken in het dak
-
slecht aansluitende dampschermen
-
zolderluiken en trapopeningen

Warme luchtverlaat de woning via luchtlekken in het dak.
Daardoor wordt op het gelijkvloers koude lucht aangezogen via spleten, ramen en deuren.
Warme lucht stijgt van nature naar boven. Daardoor kunnen vooral luchtlekken in het dak en de bovenste verdiepingen een belangrijke invloed hebben op het energieverbruik.
Dit verschijnsel wordt ook wel het schouweffect genoemd.
Isoleren alleen is dus niet voldoende, ook luchtdicht maken
Een goed geïsoleerde woning kan nog steeds veel warmte verliezen wanneer er luchtlekken aanwezig zijn.Daarom zijn zowel een goede isolatie als een goede luchtdichtheid belangrijk.Een energiezuinige woning beperkt warmteverliezen door transmissie én voorkomt ongecontroleerde luchtstromen door de gebouwschil.
Hoeveel er gemiddeld bespaard kan worden
In veel bestaande woningen kan nog aanzienlijk energie bespaard worden door gerichte ingrepen aan dak, muren en ramen.



